De crisis: een update
Ondanks voorzichtig optimistische geluiden ziet het er niet naar uit dat de crisis spoedig over is. In januari gaven we aan dat de relatief rustige periode niet meer is dan een stilte voor de storm, en ook vier maanden later wijst alles nog in die richting.
Bubbels ontstaan door een overwaardering van bepaalde goederen, waarvan het bekendste voorbeeld de tulpenmanie uit de zeventiende eeuw is. De overwaardering kan alleen tot stand komen bij een hoge geldcreatie; een kunstmatige verstoring van het marktmechanisme die ook wel inflatie wordt genoemd.
De huidige crisis wordt door populaire maar ondeskundige media toegeschreven aan speculatie op de Amerikaanse huizenmarkt en ondoorzichtig hypotheekconstructies, maar dat was slechts het puntje van de tulpenbol waar wereldwijd op gespeculeerd werd.
De afgelopen maanden zijn overheden wereldwijd druk bezig geweest met het redden van slachtoffers van de onvermijdelijke en noodzakelijke herwaardering van onze planeet, maar de vruchten van hun reddingsacties blijven uit. Uit onderzoek blijkt dat banken in het eerste kwartaal van dit jaar minder geld uitlenen aan ondernemers.
De uitleg daarvoor is simpel: de overheid redt bedrijven met miljardeninjecties. Dat geld is niet afkomstig van een spontane belastingverhoging, sterker nog, vanwege de crisis nemen de belastinginkomsten juist af. De overheid gaat een hogere schuld aan: zij geeft overheidsobligaties uit met een aantrekkelijk rendement. Obligaties die gekocht worden door…u raad het al: dezelfde financiële instituten die zij tracht te redden.
Zolang als de overheid obligaties uit blijft geven blijven banken en institutionele beleggers deze ‘veilige beleggingen’ prefereren boven de onzekere particuliere markt met slachtoffers in het midden en klein bedrijf tot gevolg. Echte oplossingen zijn er niet: het begrotingstekort en rentelasten kunnen alleen weg worden gewerkt door nog meer obligaties uit te geven, door de belasting te verhogen en/of te bezuinigen op de uitgaven, of door het op te laten kopen door een centrale bank. Laatstgenoemde aanpak was zeer succesvol in o.a. Zimbabwe en de Weimar republiek.
De derde aanpak is overduidelijk het verstandigste: door flink te bezuinigen op de uitgaven kan de overheid haar tekorten wegwerken en krijgt de markt de kans zich te herstellen. Helaas zijn de tekorten dusdanig hoog opgelopen, dat alleen een Thatcheriaanse aanpak nog kan helpen. Dat is gezien het huidige politieke spectrum niet realistisch. In plaats daarvan hebben de Engelse en Amerikaanse overheden gekozen voor de Zimbabwaanse aanpak. De rest van Europa zal spoedig hetzelfde voorbeeld volgen, al probeert men nu wat tijd te rekken met lijmmiddelen als ‘creatief boekhouden‘, AOW verhoging en schelden op landen met een vriendelijker fiscaal klimaat.
Het belooft nog een interessant jaar te worden.

